Textielvezels: eigenschappen, was advies en verwerking

 

De samenstelling van een stof bepaalt voor een groot deel hoe de stof aanvoelt, valt, krimpt en reageert op wassen, strijken en naaien. Hieronder vind je een overzicht van veelgebruikte textielvezels en hun afkortingen. Per vezel worden de belangrijkste eigenschappen, het was advies en praktische tips voor het verwerken van de stof beschreven.

 

Belangrijk: controleer altijd het was label van de specifieke stof. Vooral bij blends (stoffen die uit meerdere vezels bestaan), coatings en bijzondere afwerkingen kan het onderhoud afwijken.

 

 

 

AC – Acetaat

 

Eigenschappen

Acetaat is een kunstmatige vezel die zacht, glad en licht aanvoelt. De stof heeft vaak een mooie glans en een elegante valling. Acetaat wordt onder andere gebruikt voor voeringen, blouses, jurken en feestkleding.

 

Was advies

 

* Bij voorkeur voorzichtig wassen op lage temperatuur of volgens het was label.

* Niet te heet strijken.

* Vermijd hoge temperaturen in de droger.

* Sommige acetaatstoffen kunnen gevoelig zijn voor water en hun vorm verliezen.

 

Tips voor verwerken

Acetaat kan glad zijn tijdens het knippen en naaien. Gebruik daarom fijne spelden of wonderclips en een fijne naald. Een scherpe schaar of rol mes helpt om de stof netjes te knippen. Werk naden zorgvuldig af, omdat de stof kan rafelen.

 

 

 

BA – Bamboe

 

Eigenschappen

Bamboevezels zijn zacht, soepel en vocht absorberend. Bamboestoffen voelen vaak prettig en koel aan op de huid. De term bamboe kan verschillende soorten vezels omvatten; veel commerciële bamboestoffen zijn technisch gezien bamboerayon of bamboeviscose.

 

Was advies

 

* Was bij voorkeur op 30 °C.

* Gebruik een mild wasmiddel.

* Vermijd hoge temperaturen en agressief centrifugeren.

* Bij voorkeur aan de lucht laten drogen.

* Houd rekening met mogelijke krimp.

 

Tips voor verwerken

Bamboestoffen kunnen soepel en rekbaar zijn. Knip de stof daarom op een vlakke ondergrond en laat de stof niet over de rand hangen. Gebruik een fijne naald en een passende steek. Voor rekbare bamboestoffen is een stretchsteek of smalle zigzag geschikt.

 

 

 

CO / KA – Katoen

 

Eigenschappen

Katoen is een natuurlijke vezel die sterk, comfortabel en goed vocht absorberend is. De stof is verkrijgbaar in zeer veel uitvoeringen, van dunne batist tot stevige canvas.

 

Was advies

 

* Katoen kan meestal op 30–60 °C worden gewassen, afhankelijk van de stof.

* Donkere kleuren bij voorkeur op lagere temperatuur wassen.

* Katoen kan krimpen, vooral bij de eerste wasbeurt.

* Drogen aan de lucht vermindert slijtage.

 

Tips voor verwerken

Was en droog de stof vóór het knippen om latere krimp te voorkomen. Katoen is over het algemeen eenvoudig te verwerken. Gebruik een universele naald en pas de naalddikte aan de dikte van de stof aan. Werk rafelranden af met een zigzagsteek, lock machine of andere geschikte afwerking.

 

 

 

CUP – Cupro

 

Eigenschappen

Cupro is een zachte, gladde cellulosevezel met een zijdeachtige uitstraling. De stof valt soepel en wordt vaak gebruikt voor jurken, blouses en voeringen.

 

Was advies

 

* Was voorzichtig op maximaal 30 °C als het was label dit toestaat.

* Niet hard centrifugeren.

* Niet wringen.

* Plat of hangend aan de lucht laten drogen.

* Strijk op lage temperatuur.

 

Tips voor verwerken

Cupro is glad en kan verschuiven tijdens het knippen. Gebruik een zeer scherpe schaar en fijne spelden. Een fijne naald en fijn garen voorkomen zichtbare gaatjes. Werk rustig en ondersteun de stof tijdens het naaien.

 

 

 

CV – Rayon

 

Eigenschappen

Rayon is een verzamelnaam voor verschillende geregenereerde cellulosevezels. Rayon is soepel, zacht en heeft vaak een mooie, vloeiende valling.

 

Was advies

 

* Bij voorkeur voorzichtig wassen op 30 °C.

* Niet wringen.

* Vermijd hoge temperaturen.

* Laat liggend of hangend aan de lucht drogen, afhankelijk van de stof.

* Houd rekening met krimp.

 

Tips voor verwerken

Rayon kan tijdens het knippen uitrekken of vervormen. Laat de stof eerst rusten en knip op een vlakke ondergrond. Gebruik een fijne naald en een kleinere steek. Een smalle zoom of rolzoom werkt vaak mooi bij dunne rayonstoffen.

 

 

 

EL – Elastan

 

Eigenschappen

Elastan is een zeer elastische synthetische vezel die meestal met andere vezels wordt gecombineerd. Het zorgt voor rek en herstelvermogen.

 

Was advies

 

* Was bij voorkeur op 30 °C.

* Vermijd hoge temperaturen.

* Gebruik liever geen wasverzachter bij sterk elastische sportstoffen.

* Niet te heet in de droger.

 

Tips voor verwerken

Gebruik een stretch- of jersey-naald. Gebruik een stretchsteek, zigzagsteek of lock  steek zodat de naad kan mee rekken. Trek tijdens het naaien niet aan de stof. Een te hoge temperatuur van het strijkijzer kan elastan beschadigen.

 

 

 

F – Alcantara / Suède

 

Eigenschappen

Suède en Alcantara-achtige materialen hebben een zachte, fluweelachtige oppervlakte. Ze kunnen een duidelijke vleug hebben: de kleur en uitstraling kunnen veranderen afhankelijk van de richting waarin je over de stof strijkt.

 

Was advies

 

* Volg altijd het specifieke onderhoudslabel.

* Veel suède- en imitatie-suèdestoffen zijn niet geschikt voor een normale wasbeurt.

* Vermijd langdurig weken.

* Niet heet strijken.

 

Tips voor verwerken

Let goed op de vleugrichting. Knip alle patroondelen in dezelfde richting. Spelden kunnen blijvende gaatjes veroorzaken; gebruik daarom bij voorkeur clips of spelden binnen de naadtoeslag. Test eerst op een reststuk voordat je strijkt of stikt.

 

 

 

JU – Jute

 

Eigenschappen

Jute is een sterke, natuurlijke bastvezel met een grove structuur. Het materiaal wordt veel gebruikt voor tassen, decoratie, interieurtextiel en stevige accessoires.

 

Was advies

 

* Alleen wassen wanneer noodzakelijk.

* Vermijd heet water.

* Niet agressief centrifugeren.

* Laat volledig aan de lucht drogen.

 

**Tips voor verwerken**

Jute kan sterk rafelen. Werk naden daarom goed af of gebruik een voering. Een stevige naald en sterk garen zijn geschikt. Knip met een scherpe schaar en houd rekening met stofverlies door rafelen.

 

 

 

LI – Linnen

 

Eigenschappen

Linnen is een natuurlijke, sterke vezel die goed vocht opneemt en koel aanvoelt. Linnen kreukt gemakkelijk, maar dit hoort bij het karakter van de stof. Stretchlinnen bevat meestal een kleine hoeveelheid elastan.

 

Wasadvies

 

* Was meestal op 30–40 °C.

* Linnen kan krimpen; voorwassen is belangrijk.

* Niet te heet drogen.

* Strijken terwijl de stof nog licht vochtig is geeft het mooiste resultaat.

 

Tips voor verwerken

Laat linnen vóór het knippen krimpen door het op de gewenste manier te wassen. Stretchlinnen verwerkt als een combinatie van linnen en stretchstof. Gebruik bij voorkeur een stretchnaald als het elastan percentage hoog genoeg is en zorg ervoor dat de rek in de juiste richting van het patroon ligt.

 

 

 

LRX – Lurex

 

Eigenschappen

Lurex is een glanzende metaaldraad of synthetische vezel die in een stof wordt verwerkt voor een metallic of glittereffect. De draad kan de stof wat stugger of juist elastischer maken.

 

Was advies

 

* Was voorzichtig op lage temperatuur.

* Gebruik bij voorkeur een fijnwas programma.

* Vermijd hoge temperaturen.

* Niet agressief centrifugeren.

 

Tips voor verwerken

Lurex kan kwetsbaar zijn voor trekken en scherpe naalden. Gebruik een fijne, scherpe naald en controleer de draadspanning. Werk rustig om beschadiging van de glanzende draden te voorkomen.

 

 

 

MA – Modacryl

 

Eigenschappen

Modacryl is een synthetische vezel die zacht, licht en vaak volumineus is. De vezel wordt onder andere gebruikt voor imitatiebont, fleece en andere zachte materialen.

 

Was advies

 

* Was op lage temperatuur.

* Vermijd hoge temperaturen.

* Niet heet strijken.

* Controleer altijd het waslabel.

 

Tips voor verwerken

Bij harige of volumineuze stoffen is het belangrijk om alleen de onderlaag door te knippen, zodat de haren zo min mogelijk worden beschadigd. Gebruik een stevige ondergrond en werk naden zorgvuldig af.

 

 

 

MD – Modal

 

Eigenschappen

Modal is een zachte, gladde cellulosevezel die bekendstaat om zijn comfortabele gevoel en goede vochtopname. Modal wordt vaak gebruikt voor T-shirts, ondergoed en comfortabele kleding.

 

Wasadvies

 

* Was meestal op 30 °C.

* Gebruik een mild programma.

* Vermijd hoge droogtemperaturen.

* Laat bij voorkeur aan de lucht drogen.

 

Tips voor verwerken

Modal kan soepel en rekbaar zijn. Gebruik een jersey- of stretchnaald bij rekbare varianten. Zorg voor ondersteuning bij het knippen en naaien zodat de stof niet uitrekt.

 

 

 

ME – Metaal / metallic vezel

 

Eigenschappen

Metallic vezels of metaaldraden worden vaak toegevoegd voor een glanzend effect. Ze kunnen de stof kwetsbaarder maken voor wrijving en warmte.

 

Was advies

 

* Was voorzichtig en op lage temperatuur.

* Gebruik een mild wasmiddel.

* Vermijd hoge temperaturen en agressief centrifugeren.

* Niet heet strijken.

 

Tips voor verwerken

Gebruik een fijne naald en test eerst op een reststuk. Voorkom onnodig uithalen van steken, omdat gaatjes zichtbaar kunnen blijven.

 

 

 

NY – Nylon

 

Eigenschappen

Nylon is een sterke, lichte en slijtvaste synthetische vezel. De stof kreukt weinig en droogt snel.

 

Was advies

 

* Was meestal op 30–40 °C.

* Vermijd hoge temperaturen.

* Laat bij voorkeur aan de lucht drogen.

* Strijk alleen op lage temperatuur.

 

Tips voor verwerken

Gebruik een universele of microtex naald. Bij zeer dun nylon kan een kleinere naald nodig zijn. Let op dat de stof niet wordt uitgerekt tijdens het naaien.

 

 

 

PA – Polyamide / nylon

 

Eigenschappen

Polyamide is de vezelnaam voor onder andere nylon. Het materiaal is sterk, licht, slijtvast en relatief elastisch.

 

Was advies

 

* Meestal wassen op 30–40 °C.

* Niet te heet drogen.

* Lage strijktemperatuur gebruiken.

* Volg bij speciale polyamidestoffen het was label.

 

Tips voor verwerken

Gebruik een fijne of universele naald. Bij elastische polyamide, bijvoorbeeld badkledingstof, is een stretchnaald en stretchsteek nodig. Let op de rek en zorg dat naden kunnen meebewegen.

 

 

 

PAN – Acryl

 

Eigenschappen

Acryl is een synthetische vezel die vaak wordt gebruikt als alternatief voor wol. Het is licht, warm en zacht.

 

Was advies

 

* Was bij voorkeur op 30 °C.

* Gebruik een fijn wasprogramma.

* Vermijd hoge temperaturen.

* Niet heet strijken.

* Bij voorkeur liggend laten drogen om vervorming te voorkomen.

 

Tips voor verwerken

Acryl kan pluizen. Gebruik een geschikte naald en vermijd overmatig uithalen van steken. Bij gebreide acrylstoffen kunnen naden het beste worden verwerkt met een steek die enige flexibiliteit biedt.

 

 

 

PC – Polyacryl

 

Eigenschappen

Polyacryl is vergelijkbaar met acryl en wordt vaak gebruikt in gebreide stoffen en warme kleding. Het materiaal is licht, zacht en houdt warmte goed vast.

 

Was advies

 

* Was op lage temperatuur.

* Gebruik een mild programma.

* Vermijd hoge temperaturen in wasmachine en droger.

* Laat gebreide stoffen bij voorkeur liggend drogen.

 

Tips voor verwerken

Knip gebreide stoffen voorzichtig zodat ze niet uitrekken. Gebruik een passende stretch- of jersey-naald wanneer de stof elastisch is.

 

 

 

PE – Polyester

 

Eigenschappen

Polyester is een sterke, vormvaste en onderhoudsvriendelijke synthetische vezel. Het materiaal droogt snel en kreukt weinig. Polyester kan zowel mat als glanzend en zowel soepel als stevig zijn.

 

Was advies

 

* Meestal wassen op 30–40 °C.

* Niet te heet drogen.

* Strijk op lage tot middelhoge temperatuur.

* Polyester is doorgaans goed bestand tegen wassen, maar hoge hitte kan het materiaal vervormen.

 

Tips voor verwerken

Gebruik een universele naald. Bij gladde polyesterstoffen kan een microtex naald prettig werken. Let op de warmte van het strijkijzer: synthetische vezels kunnen smelten of een glansplek krijgen.

 

 

 

PES – Polyester-termic

 

Eigenschappen

PES staat voor polyester. Bij een thermische of thermisch bewerkte polyesterstof kan de structuur of het oppervlak door warmte zijn beïnvloed.

 

Was advies

 

* Was voorzichtig op 30–40 °C, tenzij het was label anders aangeeft.

* Vermijd hoge temperaturen.

* Wees voorzichtig met de droger en het strijkijzer.

 

Tips voor verwerken

Test altijd eerst de reactie op warmte op een reststuk. Gebruik een lage strijktemperatuur en leg eventueel een persdoek tussen het strijkijzer en de stof.

 

 

 

PP – Polypropyleen

 

Eigenschappen

Polypropyleen is een zeer lichte synthetische vezel die weinig vocht opneemt en snel droogt. Het wordt onder andere gebruikt voor sport-, outdoor- en functionele textiel.

 

Was advies

 

* Was op lage temperatuur.

* Vermijd hoge hitte.

* Niet heet strijken.

* Laat aan de lucht drogen.

 

Tips voor verwerken

Polypropyleen kan gevoelig zijn voor warmte. Gebruik daarom een lage strijktemperatuur. Bij sportstoffen is het belangrijk dat naden soepel blijven en niet gaan knellen.

 

 

 

PU – Polyurethaan

 

Eigenschappen

Polyurethaan wordt vaak als coating op een andere stof aangebracht, bijvoorbeeld bij imitatieleer, waterafstotende stoffen en stretchmaterialen. Het materiaal kan elastisch en waterafstotend zijn.

 

Was advies

 

* Was zo mild mogelijk.

* Vermijd hoge temperaturen.

* Gebruik geen agressieve middelen.

* Niet heet strijken.

* Vermijd langdurig weken wanneer de stof een coating heeft.

 

Tips voor verwerken

Spelden kunnen gaatjes veroorzaken in PU-gecoate stoffen. Gebruik daarom bij voorkeur clips of plakband voor textiel binnen de naadtoeslag. Gebruik een langere steek en vermijd onnodig doorstikken. Test altijd eerst op een reststuk.

 

 

 

PVC – Polyvinylchloride

 

Eigenschappen

PVC wordt onder andere gebruikt voor kunstleer, tassen, accessoires en waterafstotende materialen. Het materiaal is sterk en waterbestendig, maar kan gevoelig zijn voor warmte.

 

Was advies

 

* Meestal niet in de wasmachine wassen.

* Afnemen met een vochtige doek.

* Geen agressieve schoonmaakmiddelen gebruiken.

* Niet heet strijken.

 

Tips voor verwerken

Gebruik clips in plaats van spelden. PVC kan aan de naaimachine blijven plakken. Een teflonvoet, walking foot of een stukje speciaal naaipapier kan helpen om de stof soepel onder de persvoet te laten glijden. Maak zo min mogelijk onnodige gaatjes.

 

 

 

RA – Ramee

 

Eigenschappen

Ramee is een natuurlijke bastvezel die sterk en slijtvast is. De stof lijkt qua eigenschappen enigszins op linnen en heeft vaak een natuurlijke, iets stuggere uitstraling.

 

Was advies

 

* Was voorzichtig op 30–40 °C.

* Voorwassen is aan te raden vanwege mogelijke krimp.

* Niet te heet drogen.

* Strijken kan op middelhoge temperatuur.

 

Tips voor verwerken

Ramee kan gemakkelijk rafelen. Werk naden daarom zorgvuldig af. Voorwassen vóór het knippen voorkomt verrassingen door krimp.

 

 

 

SE – Zijde

 

Eigenschappen

Zijde is een natuurlijke vezel die bekendstaat om haar zachte gevoel, glans en luxe valling. De vezel is sterk, maar fijne zijde kan kwetsbaar zijn.

 

Was advies

 

* Controleer altijd het was label.

* Veel zijde is geschikt voor handwas of een speciaal zijdeprogramma.

* Gebruik een mild wasmiddel.

* Niet wringen of hard centrifugeren.

* Niet in direct, fel zonlicht laten drogen.

* Strijk op lage temperatuur.

 

Tips voor verwerken

Zijde is vaak glad en kan verschuiven. Gebruik een zeer scherpe schaar, fijne spelden of gewichtjes en een fijne naald. Werk met een kleine steeklengte en vermijd veelvuldig uithalen van steken.

 

 

 

SP – Spandex

 

Eigenschappen

Spandex is een andere benaming voor elastan. Het is zeer rekbaar en wordt vrijwel altijd met andere vezels gecombineerd.

 

Was advies

 

* Was op 30 °C.

* Vermijd hoge temperaturen.

* Niet heet strijken.

* Beperk langdurige blootstelling aan warmte.

 

Tips voor verwerken

Gebruik een stretch- of jersey-naald en een stretchsteek of zigzagsteek. Trek de stof tijdens het naaien niet uit. Controleer voordat je knipt in welke richting de meeste rek zit.

 

 

 

VI / VC – Viscose

 

Eigenschappen

Viscose is een zachte, soepel vallende cellulosevezel. De stof voelt comfortabel aan en wordt veel gebruikt voor jurken, rokken, blouses en voeringen.

 

Was advies

 

* Was bij voorkeur op 30 °C.

* Gebruik een mild programma.

* Niet wringen.

* Vermijd hoge temperaturen.

* Houd rekening met krimp en vervorming.

* Laat voorzichtig aan de lucht drogen.

 

**Tips voor verwerken**

Viscose is soepel en kan tijdens het knippen vervormen. Leg de stof volledig vlak en zorg dat deze niet van de tafel hangt. Gebruik een fijne naald en een passende steek. Voor dunne viscose is een smalle zoom of rolzoom vaak geschikt.

 

 

 

WA – Angora

 

Eigenschappen

Angora is afkomstig van het haar van het angorakonijn. De vezel is bijzonder zacht, licht en warm en heeft vaak een pluizig oppervlak.

 

Was advies

 

* Bij voorkeur met de hand of op een speciaal wol programma wassen.

* Gebruik een wolwasmiddel.

* Niet wringen.

* Niet heet wassen.

* Liggend laten drogen om uitrekken te voorkomen.

 

Tips voor verwerken

Angora kan pluizen en is kwetsbaar. Werk met een fijne naald en vermijd onnodig uithalen van steken. Bij gebreide stoffen is het verstandig de naden zo soepel mogelijk te maken.

 

 

WM – Mohair

 

Eigenschappen

Mohair is afkomstig van de angorageit. De vezel is licht, sterk, warm en heeft vaak een karakteristieke glans en harige structuur.

 

Was advies

 

* Handwas of wol programma.

* Gebruik wolwasmiddel.

* Niet wringen.

* Plat laten drogen.

* Vermijd hoge temperaturen en intensief centrifugeren.

 

Tips voor verwerken

Let op de vleug en richting van het harige oppervlak. Knip alle delen in dezelfde richting. Werk voorzichtig zodat de haren zo min mogelijk worden beschadigd.

 

 

 

WO – Wol

 

Eigenschappen

Wol is een natuurlijke, warme en veerkrachtige vezel. Gekookte wol is door een viltingsproces compacter en steviger gemaakt. De randen van gekookte wol rafelen meestal weinig.

 

Was advies

 

* Gekookte wol meestal niet vaak wassen.

* Bij voorkeur luchten.

* Indien wassen is toegestaan: wol programma of handwas.

* Gebruik wolwasmiddel.

* Vermijd temperatuurverschillen.

* Niet wringen.

* Plat laten drogen.

 

Tips voor verwerken

Gekookte wol is relatief eenvoudig te verwerken omdat de randen meestal niet sterk rafelen. Daardoor kunnen naden soms onafgewerkt blijven. Gebruik een scherpe schaar en een geschikte wol- of universele naald. Bij dikkere wol kan een grotere naald nodig zijn.

 

 

 

WP – Alpaca

 

Eigenschappen

Alpaca is een zachte, warme en lichte natuurlijke vezel. Het materiaal heeft een luxe uitstraling en is vaak minder kriebelig dan sommige andere wol soorten.

 

Was advies

 

* Handwas of een geschikt wol programma.

* Gebruik wolwasmiddel.

* Niet wringen.

* Plat laten drogen.

* Vermijd hoge temperaturen.

 

**Tips voor verwerken**

Alpaca kan pluizig zijn en kan bij gebreide stoffen uitrekken. Knip voorzichtig en ondersteun de stof goed. Let bij harige stoffen op de vleugrichting.

 

 

 

WS – Kasjmier

 

Eigenschappen

Kasjmier is een zeer zachte en fijne dierlijke vezel afkomstig van kasjmiergeiten. Het materiaal is licht, warm en luxe, maar ook kwetsbaar voor wrijving en pillen.

 

Wasadvies

 

* Bij voorkeur met de hand wassen of een speciaal kasjmier-/wol programma gebruiken.

* Gebruik een mild wolwasmiddel.

* Niet wringen.

* Plat laten drogen.

* Niet heet strijken.

 

Tips voor verwerken

Werk zeer voorzichtig met spelden en naalden. Gebruik een fijne naald en voorkom onnodig uithalen van steken. Laat de stof zo min mogelijk trekken tijdens het naaien.

 

 

 

WV – Scheerwol / wol vilt

 

Eigenschappen

Scheerwol is wol die afkomstig is van de eerste scheerbeurt van het schaap. Wol vilt is een dicht en stevig materiaal waarbij de vezels door warmte, vocht en wrijving in elkaar zijn vervilt. wol vilt rafelt meestal nauwelijks.

 

Was advies

 

* Meestal niet wassen tenzij het was label dit toestaat.

* Bij voorkeur luchten en plaatselijk reinigen.

* Indien wasbaar: wol programma of handwas.

* Gebruik wolwasmiddel.

* Niet wringen.

* Plat laten drogen.

 

Tips voor verwerken

Wol vilt is prettig te verwerken omdat de randen meestal niet rafelen. Hierdoor zijn onafgewerkte randen mogelijk, bijvoorbeeld bij accessoires of decoratieve kleding. Gebruik voor dik vilt een stevige, scherpe naald en pas de steeklengte aan de dikte van het materiaal aan.